Uit de Krant 2005

Zoeken naar:

Ga naar Pagina Vorige  1, 2, 3 ... , 108, 109, 110  Volgende

Survival mooi alternatief voor touwtrekker André Wansink
(7 Januari 2005]
HOLTEN - In de Achterhoek mag de survival zich in een grote belangstelling verheugen, maar elders in deze regio is de overlevingstocht altijd een kleine sport gebleven. Eén van de weinige survivalatleten uit deze buurt is André Wansink. De 33-jarige Holtenaar is jaarlijks op zo’n drie á vier survivals van de partij. ‘Ik zie het als een mooi alternatief wanneer de touwtrekcompetitie stil ligt.’

De eerste sport van Wansink is touwtrekken. In het zomerseizoen staat hij bij Okia aan het touw. Al vele jaren. Maar als de touwtrekcompetitie in september ten einde loopt, richt hij zich op het survivalseizoen. De Holtenaar doet niet aan alle survivals mee, maar pikt er zo nu en dan een interessante wedstrijd uit. Zondag is er weer zo’n survival, waarvoor Wansink zich wel in het zweet wil werken. De wedstrijd in Beltrum laat hij niet schieten. ‘Daar doe ik normaal gesproken elk jaar aan mee.’

In het Achterhoekse dorp bij Eibergen kwam Wansink ook voor het eerst in aanraking met survival. Met de sport, waarbij de atleten zich de meest bizarre ontberingen moeten laten welgevallen, wilde hij wel eens kennis maken. ‘Dat was een jaar of tien geleden. Met een groepje van Okia hebben we ons een keer aangemeld. We wisten dat survival ook populair was bij andere touwtrekkers. Een voormalige ploeggenoot van ons zei dat de touwtrekkers van zijn nieuwe club Vios Bison uit Beltrum ook aan survival deden. Daarom zijn we een keer naar een wedstrijd in Beltrum gegaan.’

Smaak

Wansink kreeg na zijn eerste survival de smaak te pakken. Het hardlopen en het nemen van allerlei pittige hindernissen ging hem niet onaardig af. Sindsdien doet hij jaarlijks aan meerdere wedstrijden mee. De Holtenaar schrijft zich altijd in voor de halve run, die doorgaans zo’n dertien kilometer lang is en uit veertig hindernissen bestaat. Het hardlopen wordt afgewisseld met onder meer wandklimmen, kanovaren, door de modder kruipen, houthakken en door sloten lopen. ‘Je wordt er smerig van, maar dat maakt niets uit. Het is een kick om de finish te halen. Je ziet vaak dat degenen die voor het eerst meedoen, na afloop heel enthousiast zijn.’

Wansink is op de halve run doorgaans één van de betere deelnemers. Maar aan de hele run, waar de meeste fanatiekelingen aan meedoen, waagt hij zich niet. ‘Nee, zoals het nu gaat vind ik het prima. Als je de hele run wilt doen, moet je veel meer trainen. Nu houd ik mijn conditie op peil door één keer in de week te gaan hardlopen. Dat vind ik genoeg.’ Wansink doet evenmin mee aan de survivalcompetitie, die uit acht wedstrijden bestaat. De Holtenaar is jaarlijks op ongeveer de helft van de wedstrijden van de partij. ‘De competitie is niet te combineren met touwtrekken. In het voorjaar richt ik me daar weer op. Dan begint het touwtrekseizoen. Sommige survivals vallen samen met touwtrekwedstrijden. Ik kies dan voor het touwtrekken.’
Ga naar Pagina Vorige  1, 2, 3 ... , 108, 109, 110  Volgende